“Ik lijk wel gek om hier af te spreken in deze tijd van het jaar,” mompelde de al wat oudere man op het bushaltebankje en kroop nog dieper in zijn winterjas.
De bushalte bood weinig beschutting tegen de kille zeewind die door de lege straten van de badplaats blies.
De man keek op zijn horloge en zag dat het middernacht geweest was.
“Ik geef haar nog tien minuten en dan ga ik naar huis.”
Ik had beter in de auto kunnen blijven zitten, dacht hij vijf minuten later en keek naar de parkeerplaats verderop.
Daar kwam net een auto aanrijden.
Zou dat haar zijn?
De lichten van de auto doofden, de motor werd afgezet en hij hoorde het openen en dichtslaan van een autoportier.
“Ja dus,” bromde de man. “Ik ben benieuwd wat ze van me wil.”
Een flamboyant geklede dame kwam aarzelend op hem afgelopen.
Ben benieuwd met wie ik te maken zal krijgen, dacht de man schamper. Anastasia, de wereldberoemde zangeres of Annie, het meisje uit mijn jeugd.
Anastasia of Annie kwam met uitgestrekte armen op hem af en wisselde met hem de drie bekende zoenen in de lucht uit.
“Fijn dat je op mijn uitnodiging inging en wilde komen,” zei ze vriendelijk.
“Dat was niet zo’n moeite hoor,” sprak de man. “Maar waarom in ’s hemelsnaam hier in die bushalte in de kou en dan ook nog zo laat?”
De vrouw glimlachte.
“Omdat we elkaar hier langgeleden voor het laatst gesproken hebben en dat leek me een symbolisch mooie plek om elkaar weer eens te ontmoeten. En dat moet dan wel ’s avonds laat want anders zouden de mensen me herkennen en dan is het gedaan met de rust en de mogelijkheid om tot een gesprek te komen.”
“Dus je bent vanavond gewoon Annie?”
“Ja, gewoon Annie. Annie, die wil weten hoe het met haar eerste en enige grote liefde is gegaan in al die jaren.”
Ze keek vertederd naar de man die haar wantrouwig aankeek.
“Is dat niet een beetje laat, nadat je me vijftig jaar links hebt laten liggen?”
“Daar heb ik spijt van,” reageerde Annie snel. “Hoe ouder ik word, hoe meer ik tot het besef kom dat er andere zaken belangrijker zijn dan geld en succes. Je kent de uitdrukking toch wel: beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald.”
“Die ken ik, ja. Maar dit noem ik niet meer ten halve keren hoor. We zitten zo’n beetje op het end van de rit. Bovendien, wat valt er nog te keren? Jij hebt jouw leven geleid en ik het mijne. Er valt niets meer te keren!”
“Nou word je toch wel heel cynisch, Karel,” pruilde Annie. Ik had natuurlijk wel verwacht dat je zo je bedenkingen zou hebben om me weer te zien. Ik had zelfs verwacht dat je niet zou willen komen. Maar nu je er dan tóch bent, kunnen we toch praten. Over hoe het gaat en zo.”
“Over hoe het gaat en zo,” herhaalde Karel zuchtend. “Nou, het gaat wel. Mijn vrouw is een jaar geleden overleden maar ik vind veel steun bij mijn kinderen en kleinkinderen. En dan zijn
er nog de jongens van de biljartclub en de voetbal. Het is natuurlijk niet te vergelijken met
jouw heftige en afwisselende leven in allerlei plaatsen op de wereld die er toe doen maar ik heb er vrede mee.”
Karel keek naar een man die, voorovergebogen leunend tegen de wind, zijn hond uitliet.
Een dikke kat dook schichtig onder een kale heg door.
In de verte klonk vanuit zee het geluid van een scheepshoorn.
“Zeg, zullen we even wat gaan lopen,” stelde Karel voor. “Ik krijg het koud van dat stilzitten.”
Ze stonden op en wandelden naar de strandopgang.
“De laatste keer dat we elkaar hier zagen was het hoogzomer,” mijmerde Annie.
“Nadat je het uitgemaakt had begon voor mij een lange winter. Het ergste vond ik nog dat je steeds meer succes kreeg en de ene relatie na de andere aanging. Allemaal met beroemde mannen natuurlijk. Ik ben nog wel eens naar een optreden van je geweest met de bedoeling je in de kleedkamer op te zoeken maar ze lieten me niet toe. Daarna heb ik je opgegeven en ben ik verder gegaan met leven.”
“Ben je gelukkig geweest in je leven?”
“Niet altijd natuurlijk maar over het algemeen mag ik niet mopperen. Voor mij zit het geluk hem in de kleine dingen. En mijn hele leven heeft bestaan uit kleine dingen,” grijnsde Karel. “Voor de grote dingen moet je meer bij jou zijn, geloof ik.”
Annie glimlachte treurig.
“Zullen we terugwandelen? Het waait hier nu wel erg hard, zo dicht bij het strand.”
Ze draaiden zich om en voelden de wind nu in de rug.
“Toen je stopte met optreden was het overal groot in het nieuws maar de laatste jaren is het stil rond jouw persoon. Laat ik het nou dan maar eens aan jou vragen. Hoe gaat het met je?”
“Ik heb geen relatie meer als je dat soms bedoelt.”
“Nee, dat bedoel ik niet. Ik bedoel gewoon: hoe gaat het met je?”
“Ik barst van het geld en verveel me te pletter. Dat is kort gezegd hoe het met me gaat.”
“Dat is inderdaad kort gezegd,” beaamde Karel en wist niet wat hij met deze informatie aan moest.
Het gesprek viel stil, wat opgevuld werd door de geluiden van het waaien van de wind, het blaffen van een hond en het blazen van een kat.
Zonder erbij na te denken kwamen ze weer bij de bushalte aan, waar ze dan maar weer gingen zitten.
“Heb je van je vrouw gehouden?” vroeg Annie plotseling.
“Het was een goede vrouw,” ontweek Karel de vraag. “We hadden een aardige band met elkaar en konden af en toe genieten van de kleine dingen die het leven ons bood.”
“Waarom heb je het toch steeds over die kleine dingen?” vroeg Annie geïrriteerd. “Is dat soms omdat ik altijd van de grote dingen heb gehouden? Wil je me daarmee soms op mijn nummer zetten? Wil je me daarmee soms inpeperen dat ik de verkeerde keuze heb gemaakt? Had ik voor jou moeten kiezen? Ik kreeg een kans in mijn leven om groot te worden en die kans heb ik gepakt!”
Karel keek haar verbouwereerd aan.
“Dat wil ik helemaal niet zeggen! Jij stelt mij een vraag en ik probeer daar een eerlijk antwoord op te geven. Trouwens, jíj bent degene die na al die jaren een afspraak wilde maken. Niet ik! En als ik eerlijk ben vraag ik me af wat je eigenlijk van me wilt.”
Annie dacht even na.
“Ik zal eerlijk tegen je zijn en dat vind ik moeilijk. Omdat ik mezelf bloot geef, bedoel ik. De roddelpers heeft me voorzichtig gemaakt. Ik ben altijd bang dat misbruik gemaakt wordt van openhartigheid. Vóór je het weet worden er de smerigste conclusies getrokken en leugens verteld. Ik ben echt niet die mannenverslindster waar ik voor doorga. Alle mannen die ik tegenkom zien mij als de grote vedette Anastasia. Jij bent de enige man in mijn leven die me kent als Annie. Ik wil na al die jaren glitter en glamour gewoon weer Annie zijn. Snap je een beetje wat ik bedoel?”
Ze keek hem hoopvol aan.
Karel voelde zich ongemakkelijk en kreeg het er, ondanks de koude wind die tegen de bushalte aanblies, warm van.
“Bedoel je,” opperde Karel voorzichtig, “dat je opnieuw een relatie met me wilt?”
“Ja,” bracht Annie er kleintjes uit. “Ik heb mijn villa in the States verkocht en leef momenteel in een hotel. De bedoeling is dat ik me ergens in Holland ga settelen om te genieten van de kleine dingen, zoals jij dat noemt. En hoe kan dat beter dan met de enige man waar ik écht van gehouden heb.”
Ze schoof wat dichter tegen hem aan.
“We kunnen de draad weer oppakken. En misschien vind je het wel leuk om eens naar Parijs te gaan of zo, of Rome. New York is trouwens ook heel leuk. Tussen het gewone leven door, bedoel ik. We kunnen…”
“En mijn kinderen en kleinkinderen dan?” onderbrak Karel haar.
“Die horen bij het gewone leven. Die hoeven niets tekort te komen. Ik ben dan gewoon tante Annie voor ze en voor je kleinkinderen oma of zo.”
Karel keek haar ongelovig aan.
“Dus jij denkt dat je, nadat je veruit het grootste deel van je leven ‘Anastasia’ bent geweest, zomaar even kunt omschakelen naar ‘tante Annie’. Zelfs als jíj dat zou kunnen, dan zou de wereld om je heen dat niet kunnen. Als ik me met jou ergens zou vertonen dan zouden wij niet Karel en Annie zijn maar Anastasia met haar nieuwe vriend. ‘Anastasia’ is wat het leven van je gemaakt heeft of misschien moet ik zeggen wat jij van het leven gemaakt hebt. We zijn niet meer Karel en Annie van vroeger. Zelfs ík ben veranderd door wat ik met mijn leven gedaan heb of wat het leven met mij gedaan heeft. Je kunt niet zeggen: we gaan verder waar we vijftig jaar geleden gestopt zijn. Wij zijn niet meer de Karel en Annie van toen. We zijn de Karel en Anastasia van nu. Het verleden is geweest. Klaar! Voorbij! Finito! De tijd van toen komt nooit meer terug!”
Na deze tirade stond de tijd een tijdje stil.
Alleen de dikke kat kwam onder de kale heg vandaan en keek speurend om zich heen.
Vanuit de zee klonk het geluid van een scheepshoorn.
“Dan kan ik maar beter gaan,” klonk het toonloos.
“Sorry Annie, maar méér kan ik er niet van maken,” verontschuldigde de ander zich.
“Als je maar weet, Karel, dat ik écht van je gehouden hebt.”
“Ik weet het, Annie. Heel lang geleden in een andere tijd. Het ga je goed, Anastasia. Leef je leven.”
Een vluchtige zoen en Anastasia schreed naar haar auto zonder eenmaal om te kijken.
Karel keek haar na en zijn gedachten dwaalden af naar de tijd dat hij en zijn vrouw en kinderen een gezin vormden.
Jammer toch dat je pas beseft hoe gelukkig je bent geweest als die tijd voorbij is, dacht hij bitter.

 

 

 

Reacties mogelijk in het gastenboek.