Verlegen schud ik een hand

En mompel een troostend woord

Roodomrande ogen

Kijken mij niet begrijpend aan

Stilstaan echter kan ik niet

Want de rij moet verder gaan

Het wordt nog druk

In dit verlaten oord

 

 

Ik schuifel door

Naar een gebroken wrak

Geknakt verpletterd door verdriet

Huilt zij mij toe

En ik volsta met holle frasen

Gelijk een lamgeslagen zak

De rij dringt aan

Men wordt het wachten moe

 

 

Er komt regen

Maar ik heb er nu het tempo in

Het gaat lekker snel

Men condoleert zich gek

Hier en daar

Bespeur ik zelfs goede zin

Na een laatste groet

Ligt de kist verloren in de drek

 

 

Men is blij voor de familie

Dat de dode zoveel aandacht kreeg

En de familie

Troost de verse weduwe in huis

Maar weken later

Zit zij verlaten en verloren bij de buis

En blijft het plekje naast haar 

Akelig leeg

 

 

 

september 1992 

 

 

 

Reacties mogelijk in het gastenboek.