Erg lekker geslapen had Johan niet, die nacht.
Vooral die droom over een reusachtig grote doodgraver die hem in een doodskist vol met broodjes en bier wilde stoppen, lag hem nog behoorlijk zwaar op de maag.
Raar toch dat een droom zo’n invloed kan hebben op de eerste ogenblikken van de dag.
Maar toen Johan eenmaal de ochtendkrant van de deurmat gehaald had, waren de schimmige droombeelden al weer verdwenen.
Hij schonk zichzelf een glas melk in, smeerde een broodje en nestelde zich gezellig met de krant op de bank in de woonkamer.
Plotseling viel zijn oog op een onopvallend berichtje dat verscholen zat tussen de afdeling moord en doodslag.
Hij las aandachtig wat er stond.
-Gisteren in de namiddag zijn uit de kluis van freule Otjegoos-Verschoor juwelen van grote
waarde ontvreemd. Hoewel de politie geen nadere mededelingen kan doen, is bekend dat
deze brutale roof veel overeenkomsten vertoont met eerder uitgevoerde juwelendiefstallen.
De politie vermoedt dat het een goed georganiseerde bende betreft. Freule Otjegoos-
Verschoor heeft een grote beloning uitgeloofd aan een ieder die inlichtingen kan
verstrekken.
Johan legde de krant even opzij en nam een slok van zijn melk.
Het zou wel heel toevallig zijn als die diefstallen te maken zouden hebben met zijn belevenissen van de vorige avond.
Maar is het niet zo dat de hele wereld van toevalligheden aan elkaar hangt?
Wat lette hem eigenlijk om daar nog eens een kijkje te gaan nemen?
Want ook als zijn belevenissen niets met die juwelenroof te maken zouden hebben, helemaal pluis was het er in elk geval niet.
Eindelijk weer eens wat afwisseling in zijn saaie bestaantje!
En met een eventuele beloning voor zijn speurwerk wist hij ook wel raad.
Hij zou zich schuil kunnen houden in of achter een van de grote bomen die om het landhuis stonden.
Eigenlijk gaf hij zichzelf weinig kans om iets te ontdekken maar als het een beetje meezat, zou Barend daar ook komen en dat was ook een reden om er heen te gaan.
Een uurtje later parkeerde hij zijn auto, zoveel mogelijk uit het zicht, tussen de struiken langs de kant van de weg.
Hij klom in een boom van waaruit hij een goed zicht op het landhuis had.
Waar hij op gerekend had, gebeurde inderdaad ook: van enige bedrijvigheid in en om het huis was niets te bespeuren en hij begon zich al snel te vervelen in zijn uitkijkpost.
Plotseling hoorde hij een tak achter zich kraken en hij draaide zich schichtig om.
De onverwachte aanwezigheid van een grote gestalte beneden hem, deed hem bijna van schrik uit de boom tuimelen.
Dit tot groot vermaak van degene die hem beslopen had en dat was voor Johan, die er zijn oom Barend in herkende, moeilijk te verkroppen.
“Mag ik weten, als u uitgelachen bent natuurlijk, waarom u mij in het geniep van achteren besluipt?”
“Ik zag een autootje staan tussen de struiken en ik dacht dat jij wel in de buurt zou zijn. En toen ik je daar zo stiekem in die boom zag zitten, kon ik het niet laten om ook stiekem te doen. Maar het was niet mijn bedoeling om je zo te laten schrikken, hoor.”
“Nou, dat is dan niet gelukt,” zei Johan korzelig.
“Man, kijk toch niet zo chagrijnig! Het zonnetje schijnt, de vogeltjes fluiten en… vandaag is het betaaldag!”
Johan trok desondanks een gezicht als een oorwurm en Barend kreeg het gevoel dat hij iets goed te maken had.
“Weet je wat? Kom met me mee. Als je je ogen en oren de kost geeft, kan je zo toch nog de misdaad van de eeuw oplossen.
Johan voelde de spot in Barends stem maar ging toch in op het voorstel en zo stonden ze even later voor het oude landhuis.
Barend belde aan maar er werd niet opengedaan.
Ook een tweede en derde keer bellen leverde niets op.
“Het lijkt wel of er niemand thuis is,” bromde Barend.
Hij morrelde aan de deur en keek door het raam.
De kamer was leeg en verlaten.
Barend wrikte nog eens aan de deur.
Morrelen kon je het niet meer noemen.
“Ik bel nog één keer aan…” sprak Barend dreigend.
“En dan?” vroeg Johan.
“Dan breek ik die deur open en als jij die grijns niet van je gezicht haalt, gebruik ik jou als breekijzer!”
Johan keek toe hoe Barend, na weer vergeefs aangebeld te hebben, zich gereed maakte om de deur in te beuken.
Johan ging een stapje opzij en zag, niet zonder bewondering, hoe Barend een enorme hoeveelheid gewicht aan spieren en vet in stelling bracht, ongetwijfeld met het doel om dwars door de niet al te stevige deur heen te gaan.
Een korte aanloop, een enorme dreun, gevolgd door gekraak en allerlei andere geluiden en Barend vloog met de resten van de deur het huis binnen.
Een beetje beduusd wandelde Johan door de zo ontstane opening en vroeg zich af of zijn oom nu niet een beetje te ver ging.
Barend vroeg zich niets af want hij krabbelde overeind en rende een trap op.
Je kon wel merken dat hij hier bekend was.
Terwijl Johan beneden wachtte, hoorde hij boven allerlei deuren open en dicht gaan, gevolgd door een reeks vloeken
Tenslotte kwam Barend, wit van woede, de trap af en ging vervolgens op een van de onderste treden zitten.
“Ze zijn hem gesmeerd, de vuilakken! En ze hebben alles meegenomen, inclusief mijn geld.”
“Ach, wat geeft dat,” spotte Johan. “Het zonnetje schijnt, de vogeltjes fluiten en…er komt vast nog wel eens een betaaldag…”
Barend keek Johan vernietigend aan.
“Dit is niet het moment om lollig te doen!”
Johan kon zich zo’n moment ook nog wel herinneren maar achtte het raadzamer om zijn mond hierover te houden.
Bovendien was hij zelf toch ook wel zo bij de zaak betrokken dat hij nieuwsgierig was naar de plotselinge verdwijning van de hele bende.
“Weet u wel zeker dat ze weg zijn? Misschien komen ze nog terug.”
“Nee jongen, ze zijn hem gesmeerd.”
“Maar hoe weet u dat dan?”
“Dat zal ik je vertellen. Dit huis was praktisch leeg, op wat hoogst noodzakelijke spullen na: een bureau, een kluis, een kast met papieren en een paar veldbedden. Nou, en dat alles is er niet meer. Vannacht weggehaald waarschijnlijk. Alle sporen uitgewist. Verdwenen! In rook opgegaan!”
“Als we er achter kunnen komen waar ze dit huis gehuurd of gekocht hebben, weten we wie ze zijn en waar ze naar toe gegaan zijn.”
“En jij denkt dat ze zo stom zijn geweest om hun echte naam op te geven? Wel nee, man! Ze hebben dit gewoon onder valse naam voor een bepaalde tijd gehuurd van een of andere projectontwikkelaar. Het geld is natuurlijk zwart uitbetaald, zodat het nergens officieel vastgelegd is. Niemand die het weet, dus geen haan die er naar kraait!”
“Maar hebben ze u dan nooit iets verteld?”
“Dat heb ik je gisteren al proberen uit te leggen. Ik heb niets met ze te maken en ik wilde ook niets met ze te maken hebben. Ik heb zoveel mogelijk elk contact met ze vermeden. Ik heb ze niets gevraagd en alleen die paar doodskisten met dubbele bodem geleverd. En daar zou ik buitengewoon goed voor betaald worden.”
“En nou heeft u dus niets…”
“Nou ja, ik heb natuurlijk een riant voorschot gehad maar ik zou de rest nog krijgen.”
Er viel een stilte waarin Johans hersenen op volle toeren draaiden.
“Wat zou u ervan zeggen als we ze achterna gaan?
Doordat ik dat gesprek afgeluisterd heb, weet ik ongeveer waar ze zitten. Ik heb nog vakantiedagen over, u werkt voor uzelf dus u kunt weg wanneer u wilt. We nemen een goedkoop hotelletje, gaan op onderzoek uit en als we ze gevonden hebben, slepen we die grote beloning samen in de wacht.”
“Grote beloning?”
Barends gezicht klaarde op.
“Ja, dat stond in de krant: een ieder die inlichtingen kan verstrekken, krijgt een grote beloning.”
Er leek Johan plotseling niets leuker dan om met zijn tweeën naar Luxemburg te gaan. Hij was dat jaar nauwelijks op vakantie geweest, Maaike was er toch niet en hij had echt behoefte aan wat afwisseling.
Bovendien vond hij het leuk om de verloren gegane band met zijn oom weer aan te halen.
Hij legde veel overtuigingskracht in zijn pleidooi om er op uit te trekken en Barend leek zowaar overstag te gaan.
“Nou ja,” bromde hij. “En als we ze niet vinden, hebben we in ieder geval een paar leuke dagen gehad. Want dat wil ik dan wel doen, hoor: een beetje vakantie houden.”
“Natuurlijk!” riep Johan. “We moeten er voor zorgen dat alleen al de reis er naar toe een feest is.”
Ze besloten met Johans auto te gaan.
Barend paste daar dan wel niet zo goed in maar zijn bestelwagen was hoognodig aan een onderhoudsbeurt toe.
En zo gingen Johan en Barend in feeststemming naar Luxemburg waar ze na drie files, een lekke band, twee omleidingen en drie kwartier extra reistijd omdat Johan een kortere weg meende te weten, heel wat minder feestelijk arriveerden.

Reacties mogelijk in het gastenboek.