Archive for januari, 2016

Geloof onder druk

Author: jeroenstamgast

Pater H. was een grote, al wat oudere priester met een dikke bos zilvergrijs haar boven een streng gezicht.
Voeg daarbij zijn sombere zwarte priesterkleding en je hebt iemand die eruit ziet alsof hij ‘De Dag Des Oordeels’ het liefst helemaal zelf voor zijn rekening zou willen nemen.
Op de katholieke lagere school waren we allemaal bang voor hem tijdens de godsdienstlessen die hij verzorgde.
Echt slaan deed hij niet, maar een draai om je oren als je even met andere dingen bezig was tijdens zijn les, behoorde zeker tot de mogelijkheden.
De godsdienstles bestond vooral uit het overhoren van de catechismus en het dreigen met hel en verdoemenis als je je niet aan de door God opgestelde regels van de katholieke kerk zou houden.
Hij keek dan met een duivelse blik door de klas, die je het gevoel gaf dat hij, als vertegenwoordiger van God op aarde, de straf persoonlijk zou uitvoeren.
Dat dreigen met hel en verdoemenis was overigens ook een van zijn geliefde bezigheden als hij tijdens de zondagse kerkdienst de preekstoel betrad.
Met galmende stem donderde hij bijvoorbeeld dat er te weinig priesterroepingen waren.
Onze missionarissen hadden indertijd de heidense negerstammen in Afrika bekeerd maar als het aantal roepingen niet zou toenemen, zou het niet lang meer duren tot die zwartjes, bij gebrek aan beter, óns zouden moeten missioneren!
De ontkerkelijking was toen overigens nog niet echt op gang gekomen in het dorpse Heemskerk aan het begin van de zestiger jaren van de vorige eeuw.
De meeste katholieke jongeren vervulden hun zondagsplicht nog wel maar bleven achter in de kerk staan, ook al waren er voldoende lege zitplaatsen.
Toen pater H. ze tijdens een stormachtige kerkdienst met dreunende stem de keuze gaf tussen zitten op de kerkbanken of weggaan, verliet de hele meute in één keer het gebouw.
Dat zag er niet best uit voor het aantal priesterroepingen maar pater H. constateerde alleen maar dat ‘we nu weer als echte gelovigen onder elkaar waren’.
Een groep gelovigen die overigens gestaag kleiner werd en ook de invloed van de pater was al snel tanende.
Boezemde hij vroeger angst in als hij in je buurt verkeerde en voelde je je klein en onbeduidend in zijn almachtige schaduw, later werd hij steeds meer beschouwd als een overblijfsel uit vervlogen tijden dat je niet serieus hoefde te nemen.
Ik weet niet eens hoe lang hij deze persoonlijke neergang in onze parochie heeft moeten ondergaan want ik ging al jaren niet meer naar de kerk.
De laatste keer dat ik hem zag, was tijdens een mis ter gelegenheid van het 25-jarig huwelijksfeest van onze buren.
Ze hadden hem daarvoor speciaal uit een of ander bejaardenoord voor priesters gehaald.
Hij was degene geweest die destijds hun huwelijk had ingezegend en ze vonden het, om nostalgische redenen,  een leuk idee als hij dat kunstje nog eens vertoonde.
Ik woonde nog bij mijn ouders in die tijd dus ik was ook voor de dienst uitgenodigd.
Wat ik zag, deed me toch een beetje schrikken.
De lange pater was behoorlijk kromgetrokken, zijn handen beefden voortdurend, zijn bewegingen waren ongecoördineerd en het zag ernaar uit alsof hij elk ogenblik met een onhandige armbeweging een en ander van het altaar af zou stoten of schuiven.
Zijn galmende stem die hij in vroegere tijden met orkaankracht over de gelovigen pleegde uit te storten, was verworden tot een machteloos briesje in de leegte.
Af en toe leek het wel of hij zich verbaasde over wat er uit zijn mond kwam.
Na de dienst, die gelukkig zonder calamiteiten was verlopen, bedankte het bruidspaar de pater hartelijk dat hij, speciaal voor hen, nog eenmaal een dienst had willen verzorgen.
Pater H. leek verrast en aangedaan dat hij bedankt werd voor iets wat hij vroeger heel gewoon had gevonden.
Op zijn afgetakelde gezicht verscheen iets wat voor een glimlach door zou kunnen gaan.
Ik keek naar het overblijfsel van de pater waar ik – en velen met mij – bang voor waren geweest en voelde, geloof het of niet, medelijden opkomen.